preheader

Banner website

Harmonisering van PD-L1 testen

Van diverse PD1/PD-L1-remmers is inmiddels aangetoond dat ze bij (een deel van de) patiënten met niet-kleincellige longkanker (NSCLC) effectief kunnen zijn. Daarbij is de belangrijkste biomarker voor effectiviteit momenteel de mate van expressie van het eiwit PD-L1 op de tumorcellen en/of op de immuuncellen.

De meeste gebruikelijke methode om de PD-L1 expressie te meten is immunohistochemische kleuring van tumorpreparaten. Bij het uitvoeren van klinische studies met de verschillende PD-L1-remmers zijn verschillende testen gebruikt, elk gebruikmakend van een ander antilichaam tegen PD-L1 (22C3, 28-8, SP142, SP263) en een specifiek uitleessysteem (Dako, Ventana, Leica). Inmiddels zijn er ook diverse lokale PD-L1-testen ontwikkeld gebruikmakend van een antilichaam tegen PD-L1 en een uitleessysteem (LDT = laboratory developed test).

Nu het gebruik van PD-L1-remmers buiten studieverband grote vormen begint aan te nemen, is het zinvol om te weten hoe de uitkomsten van de diverse PD-L1 testen zich tot elkaar verhouden. Om hier nader inzicht in te krijgen, deden Franse onderzoekers een vergelijkende studie. In eerdere studies is al gebleken dat kleuringen van tumorcellen met 28-8, 22C3 en SP263 goed met elkaar overeenkwamen, maar dat kleuringen met SP142 lagere PD-L1 percentages opleverden. Bij het aankleuren van PD-L1 op immuuncellen scoorden de vier antilichamen ongeveer hetzelfde. De Franse onderzoekers gebruikten 41 NSCLC-biopten en vijf anti-PD-L1-antilichamen (28-8, 22C3, E1L3N, SP142 en SP263) voor hun studie. In 7 verschillende centra werden PD-L1 metingen uitgevoerd met deze antilichamen en NSCLC-biopten, waardoor per biopt 35 verschillende PD-L1 metingen werden uitgevoerd met behulp van de in de centra aanwezige uitleessystemen. Voor antilichamen die niet standaard bij het uitleessysteem hoorden, werd een lokale LDT ontwikkeld. De kleuringen werden beoordeeld door 7 thoraxpathologen die ervaren waren in het beoordelen van PD-L1 kleuringen. Zij gebruikten voor de beoordeling van de PD-L1 expressie op tumorcellen de volgende drempelwaarden: 1%, 5%, 25% en 50% expressie en voor de beoordeling van de PD-L1 expressie op immuuncellen: 1%, 5% en 10% expressie.

Uit het onderzoek bleek dat de mate van PD-L1 expressie op tumorcellen en immuuncellen gemeten met 28-8, 22C3 en SP263 goed overeenkwam, mits de test werd uitgelezen met Dako of Ventana (R2=0,886–0,953) Ook de diverse LDTs vertoonden goed overeenkomende testuitslagen. Met name LDTs die gebruik maakten van SP263 lieten op de diverse uitleessystemen goed met elkaar overeenkomende uitslagen zien, zowel wat betreft de PD-L1 expressie op tumorcellen als op immuuncellen. Enkele andere LDTs lieten met de antilichamen 28-8, 22C3 en E1L3N alleen goed met elkaar overeenkomende uitslagen zien wat betreft de expressie van PD-L1 op tumorcellen.

De onderzoekers concludeerden dat de PD-L1 expressiemetingen met de antilichamen 28-8, 22C3 en SP263 op alle drie uitleessystemen vergelijkbare resultaten opleverden. Ook ongeveer de helft van de LDTs met 28-8, 22C3, SP263 en E1L3N leverden goed vergelijkbare uitslagen op. Dat laatste suggereert dat een LDT een betrouwbare optie kan zijn voor PD-L1 expressie meting, stellen de onderzoekers.

Referentie

Adam J, Rouquette I, Damotte D, et al. Multicentric French Harmonization Study for PD-L1 IHC Testing in NSCLC. Presentation at 17th World Conference on Lung Cancer, Vienna, December 7, 2016. Abstract PL04a.04.

Spreker Julien Adam

 Adam

Julien Adam, MD,
Gustave Roussy Cancer Center Villejuif, Parijs, Frankrijk


Zie: Keyslides

Back to Top