preheader

Header Website

Bevestigd klinisch voordeel van apalutamide bij castratieresistente prostaatkanker, maar geen significant overlevingsvoordeel

Eerder gepresenteerde data van de SPARTAN-studie lieten zien dat apalutamide in combinatie met continue androgeendeprivatietherapie de metastasevrije overleving van patiënten met niet-gemetastaseerde castratieresistente prostaatkanker significant verlengt. Geüpdatete resultaten van deze studie bevestigen deze bevinding en toonden daarnaast een significante vertraging in de tijd tot eerste chemotherapie en in de tijd tot ziekteprogressie op de eerstvolgende therapielijn. Met apalutamide werd een 25% reductie behaald van het risico op overlijden vergeleken met placebo, maar dit verschil was niet significant. Een langere follow-up is nodig om vast te kunnen stellen of deze trend naar verlengde overleving uiteindelijk resulteert in een overlevingsvoordeel van apalutamide in deze setting.

Achtergrond

In de fase III SPARTAN-studie werden 1.207 patiënten met niet-gemetastaseerde castratieresistente prostaatkanker (‘nonmetastatic castration-resistant prostate cancer’, nmCRPC) 2:1 gerandomiseerd naar de orale selectieve remmer van de androgeenreceptor apalutamide (240 mg QD) of placebo. De androgeendeprivatietherapie werd onderwijl bij alle patiënten gecontinueerd. Geïncludeerde patiënten moesten een PSA-verdubbelingstijd van ≤10 maanden hebben. In de primaire analyse, met een mediane follow-up van 20,3 maanden, bleek apalutamide te zijn geassocieerd met een significant langere metastasevrije overleving (MFS) ten opzichte van placebo (mediane MFS: 40,5 versus 16,2 maanden; HR 0,28 [95%-BI 0,23-0,35]; p<0,0001). Bovendien was het secundaire eindpunt, tijd tot symptomatische progressie, significant langer met apalutamide vergeleken met placebo (HR 0,45 [95%-BI 0,32-0,63]; p<0,0001). Tijdens ESMO 2019 werden de geüpdatete resultaten van de SPARTAN-studie gepresenteerd met een mediane follow-up van 41 maanden. Ten tijde van deze vooraf gespecificeerde analyse had 67% van de vereiste OS-events plaatsgevonden en de vereiste p-waarde voor statistische significantie was 0,0121.

Resultaten

Behandeling met apalutamide was geassocieerd met een reductie van 25% van het risico op overlijden ten opzichte van placebo (HR 0,75 [95%-BI 0,59-0,96]; p=0,0197). De 4-jaarsoverleving bedroeg 72,1% in de apalutamide-arm versus 64,7% in de placeboarm (p=0,0197). Deze p-waarde was niet voldoende voor een statistisch significant verschil (<0,0121). Het behandeleffect van apalutamide was consistent over alle onderzochte subgroepen, waaronder leeftijd, geografische regio, PSA-verdubbelingstijd en ECOG-performancestatus op baseline.

In totaal startten 197 patiënten met chemotherapie (115 in de apalutamide-arm en 82 in de placeboarm). De tijd tot de start van chemotherapie was significant langer voor de met apalutamide behandelde patiënten vergeleken met placebo (HR 0,60 [95%-BI 0,45-0,80]). Ook de tijd tot progressie op de eerstvolgende therapielijn (PFS2) was significant verschillend. Veertig procent van de apalutamide-behandelde patiënten en 69% van de placebo-behandelde patiënten ontving een volgende levensverlengende behandeling (voornamelijk abirateronacetaat). De mediane PFS2 was 55,6 maanden met apalutamide versus 43,8 maanden met placebo (HR 0,55 [95%-BI 0,45-0,68]; p<0,0001). Het bijwerkingenprofiel van apalutamide in deze geüpdatete analyse was consistent met dat in eerdere rapportages.

Conclusie

Behandeling met apalutamide bleek geassocieerd met een 25% reductie van het risico op overlijden in vergelijking met placebo bij ADT-behandelde patiënten met nmCRPC. Het verschil in algehele overleving was echter niet significant. Desondanks concludeerden de onderzoekers dat door de significante verbetering in termen van MFS, tijd tot start van chemotherapie en PFS2 in combinatie met de trend naar een langere overleving, een rol is weggelegd voor apalutamide in de standaardbehandeling van patiënten met hoogrisico nmCRPC. De toepasbaarheid van deze studie voor de Nederlandse praktijk is echter beperkt, gezien de expectatieve benadering van nmCRPC-patiënten met stijgende PSA in Nederland.

Referentie

Smith M, et al. Apalutamide (APA) and overall survival (OS) in patients (pts) with nonmetastatic castration-resistant prostate cancer (nmCRPC): Updated results from the phase III SPARTAN study. Gepresenteerd tijdens ESMO 2019; abstract 843O.

Spreker Matthew Smith

 Smith

Matthew R. Smith, MD, PhD, Massachusetts General Hospital, Boston, VS


Zie: Keyslides

Back to Top