preheader

header ASCO2017 website

Routinematige moleculaire screening van gevorderde refractaire kanker met daarna gerichte behandeling op maat: haalbaar, maar nu alleen nog nuttig voor een minderheid

Genomisch onderzoek op tumorbiopten vormt de basis voor een gepersonaliseerde behandeling, waarbij een gerichte therapie gelieerd is aan een specifieke genetische afwijking in de tumor. Ondanks het feit dat steeds meer patiënten met gevorderde kanker een bepaalde vorm van genomische screening ondergaan, is een brede genomische screening momenteel nog geen routine. Een Franse studie (ProfiLER) met 1.944 patiënten met gevorderde kanker suggereert dat een dergelijke brede genomische screening haalbaar is, maar op het ogenblik enkel voordeel biedt voor een klein deel van de patiënten. In de gepresenteerde studie vonden de onderzoekers ‘behandelbare genetische afwijkingen’ bij 52% van de onderzochte tumorbiopten. Een adviesraad van experts stelde een gerichte behandeling voor bij 676 patiënten en 143 van hen werden effectief behandeld met de voorgestelde gerichte behandeling. Na vijf jaar bleek de totale overleving bij de patiënten die de aanbevolen, gerichte therapie kregen, hoger dan die van patiënten waar het advies van de raad niet werd opgevolgd (34,8% vs. 28,1%).

ProfiLER is een lopende studie waarin tumoren genomisch geprofileerd worden teneinde een geschikte gerichte therapie te vinden voor patiënten met gevorderde kanker. Het DNA van afgenomen tumorbiopten wordt hierbij geanalyseerd door middel van ‘next-generation sequencing’ (NGS) van 69 kanker-gerelateerde genen en door middel van ‘whole-genome-comparative genomic hybridization’, twee technieken die algemeen beschikbaar zijn. Een multidisciplinaire raad van experts komt wekelijks samen om de uitkomsten van deze genomische testen door te nemen en stelt een gerichte therapie voor indien er een behandelbare genetische afwijking gevonden werd.

Tot op heden werden 2.676 patiënten opgenomen in de studie van wie 1.944 tumoren genomisch werden geanalyseerd. Deze biopten omvatten colorectale-, gynaecologische-, borst-, hersen-, en hoofdhals-tumoren, evenals sarcomen. Behandelbare genetische afwijkingen werden gevonden bij 1.004 (52%) biopten. Bij 609 patiënten vond men één behandelbare genetische afwijking, terwijl bij 394 patiënten twee of meer (tot 6) van dergelijke afwijkingen werden gedetecteerd. De meest voorkomende behandelbare genetische afwijkingen werden gevonden in KRAS (N= 156; 8,5%), PIK3CA (N= 150; 8,2%), CDKN2A HD (N= 174; 9,5%), PTEN HD (N= 49, 2,7%), CCND1 (N= 97; 5,3%), FGFR1 (N= 56; 3,1%), MDM2 (N= 53; 2,9%), HER2 (N= 42; 2,3%) en HER1 (N= 41; 2,2%). De moleculaire tumor-adviesraad stelde een gerichte therapie voor bij 676 patiënten (35%), gebaseerd op de beschikbaarheid van middelen die specifiek ingrijpen op het aangetaste gen, of op de betrokken signaliseringsroute. In totaal kregen 143 patiënten daadwerkelijk de voorgestelde therapie toegediend (meestal door opname in een klinische studie). Bij de overige 533 patiënten kon de voorgestelde therapie niet worden opgestart omwille van een te slechte gezondheidstoestand, een snelle ziekteprogressie, het niet voldoen aan de inclusiecriteria voor een klinische studie, of doordat men het geneesmiddel niet ‘off-label’ kon krijgen.

De onderzoekers vergeleken de totale overleving van deze 143 patiënten die in lijn met het advies van de raad werden behandeld met de overleving van 502 patiënten waar het advies niet werd gevolgd. Na drie jaar was 53,7% van de patiënten die naar advies behandeld werden nog in leven, tegenover 46,1% in de andere groep. Ook na vijf jaar stelde men nog een overlevingsverschil vast: 34,8% van de patiënten die in lijn met het advies een gerichte behandeling kreeg was dan nog in leven tegenover 28,1% van de patiënten waar het advies niet werd gevolgd.

Deze studie toont aan dat een routinematige, brede genomische profilering van patiënten met gevorderde kanker haalbaar is in de klinische praktijk. Bij ongeveer de helft van de patiënten in deze studie werd ten minste één te behandelen genetische afwijking gevonden en bij 35% kon men een geschikte gerichte therapie voorstellen. De meeste patiënten die volgens het advies werden behandeld hadden voordeel van de behandeling, maar deze groep patiënten vertegenwoordigen een minderheid van de volledige studiepopulatie. De onderzoekers van deze studie plannen momenteel een nieuwe trial, ‘ProFILER 02’, waarbij een genetische test die 70 genen omvat wordt vergeleken met een commercieel beschikbare test die 315 genen evalueert. Deze studie heeft als doel na te gaan of een groter aantal geanalyseerde genen ook leidt tot meer aanbevelingen voor een gerichte therapie en uiteindelijk betere uitkomsten.

Referentie

Tredan O, Corset V, Q Wang Q, et al. Routine molecular screening of advanced refractory cancer patients: An analysis of the first 2490 patients of the ProfilER Study. Presented at ASCO 2017; Abstract LBA100.

Olivier Tredan

 Tredan

Olivier Tredan, MD, PhD, medical oncologist, Centre Léon Bérard, Lyon, France


Zie: Keyslides

Back to Top