header

header ASCO2016 website

Checkmate 025 studie: nivolumab na ziekteprogressie van gevorderd nierkanker doet tumorvolume met de helft afnemen

In de Checkmate 025 studie werd eerder aangetoond dat nivolumab zorgt voor een significant overlevingsvoordeel ten opzichte van everolimus bij patiënten met gevorderde nierkanker (renal cell cancer, RCC). Tijdens ASCO 2016 werd een analyse gepresenteerd waarin het effect van een behandeling met nivolumab na progressie werd onderzocht. Bij de helft van de patiënten die nivolumab kregen na progressie stelde men een afname vast van het tumorvolume. Bij 14% bedroeg deze afname meer dan 30%. Dit duidt er op dat bepaalde patiënten voordeel kunnen hebben van nivolumab na progressie.

In Checkmate 025 werden patiënten met gevorderde RCC gerandomiseerd tussen nivolumab (3mg/kg, IV om de 2 weken) (N=406), of everolimus (10mg oraal per dag) (N=397). Van de 316 patiënten met progressie in de nivolumab groep werden er vervolgens 153 verder behandeld met nivolumab terwijl van de 320 patiënten met ziekteprogressie in de everolimus groep er 65 werden doorbehandeld. Het initiële responspercentage bij patiënten die verder werden behandeld na progressie bedroeg 20% ten opzichte van 14% bij de groep die niet werd verder behandeld. Ook voor wat de mediane tijd tot het optreden van een respons betrof, zag men een verschil: bij de verder behandelde post-progressie patiënten bedroeg dit 1,9 maanden in vergelijking met 3,7 maanden bij de patiënten die niet verder behandeld werden. Een analyse van de ziektekarakteristieken op het moment van de eerste progressie bracht ook verschillen aan het licht tussen beide armen. Zo hadden patiënten die behandeld werden na progressie een betere Karnofsky score dan patiënten die niet verder werden behandeld en was de Karnofsky score minder achteruit gegaan bij deze patiënten tijdens de nivolumab behandeling. Daarenboven hadden deze patiënten minder nieuwe botmetastasen en zag men bij deze groep minder een overgang van een laag tumorvolume naar ‘bulky disease’ (groter dan 130mm).

Bij 142 van de 153 patiënten die nivolumab kregen post progressie kon men het tumorvolume meten voor en na progressie. Hieruit bleek dat het tumorvolume bij de helft van de patiënten afnam. Bij 20 patiënten (14%) stelde men zelfs een reductie vast in het tumorvolume van 30% of meer. Uit een analyse van de OS die gestart werd 34 weken na de progressie bleek dat de mediane OS 20,4 maanden bedroeg bij de patiënten met een behandeling post-progressie in vergelijking met 11,4 maanden bij patiënten die geen behandeling kregen na progressie. In tegenstelling tot wat men zag met nivolumab, stelde men bij geen enkele van de patiënten die na progressie verder behandeld werden met everolimus een afname vast in het tumorvolume van 30% of meer.

Samengevat toont deze analyse aan dat een bepaalde groep patiënten met gevorderd RCC baat kan hebben van een behandeling met nivolumab na progressie. Bij 14% van deze patiënten stelde men namelijk een reductie in het tumorvolume vast van 30% of meer en bij de helft van hen een afname van het tumorvolume.

Referentie

Escudier B, Motzer J, Sharma P, et al. Treatment beyond progression with nivolumab (nivo) in patients (pts) with advanced renal cell carcinoma (aRCC) in the phase III CheckMate 025 study. J Clin Oncol 2016;34(Suppl): Abstract 4509.

Spreker Bernard Escudier

 abstr 2 NL 3 foto Escudier no 1

Bernard Escudier, MD, PhD
Institut Gustave Roussy, Parijs, Frankrijk


Zie: Keyslides

Back to Top